Lees artikel

Bidden, schoonmaken en bouwen aan het Koninkrijk

Vriendengroep
Gerrie de Valk glundert als hij het over zijn vriendengroep heeft. Die groep is ontstaan uit een Muskathlonreis naar Oeganda. Hij zou mee, kreeg artritis en kon niet mee, maar de vrienden die hij er had leren kennen bleven. Hij is dankbaar voor de liefdevolle opvang die ze hem bieden en hebben geboden Zijn leven was zwaar en is dat soms nog, maar God greep in en zette christelijke mannen op zijn pad die hem dienen en waarmee hij andere mannen mag dienen in het Mannenhuis van Gebed.

Verongelukte broer
Tot zijn tiende had Gerrie een prima jeugd. “Moeder was een moeder zoals een moeder behoort te zijn, lief en zorgzaam”, aldus Gerrie. Vader was kraanmachinist. Samen hadden ze zes zonen, waarvan Gerrie de hekkensluiter was. Ze waren niet gelovig.  Toen Gerrie tien was verongelukte zijn oudste broer van 28. Daarna vond er een drastische verandering plaats binnen het gezin. Vader en moeder de Valk konden het verdriet niet verwerken en zochten hun heil in de drank. Alle gevoelens werden weggedronken. “Neem een borrel ” werd er gezegd als er gevoelens boven kwamen. Ik ben met drank groot geworden en kreeg daardoor zelf ook een drankprobleem”, aldus Gerrie.

Volop de wereld in
Op zijn eenentwintigste kwam hij tot geloof door de schoonfamilie van zijn toenmalige vrouw, waar hij een dochter en een zoon mee kreeg. Hij was altijd al zoekende, maar in de gemeente waar hij met zijn vrouw heenging vond hij het niet. Het huwelijk leed schipbreuk, deels door het alcoholprobleem van Gerrie, deels door de geestelijke toestand van zijn vrouw die manisch depressief was. Een scheiding volgde en Gerrie ging “volop de wereld in”. Hij werkte zich uit de naad en dronk teveel om maar niet te voelen, kwam in aanraking met politie en justitie en bereikte op een gegeven moment het punt dat hij het niet meer trok. Hij kwam in contact met de Verslavingszorg Noord Nederland en werd opgenomen in een verslavingskliniek, waar hij leerde om zich te uiten. Vervolgens ging het een hele tijd goed.

Van de straat geplukt
Na resocialisatie kreeg hij een eigen huisje en een baan bij een schoonmaakbedrijf. Hij kreeg een terugval, werkte weer te hard, dronk weer teveel en werd zwaar depressief. In 2007 overleed zijn moeder. Hij hoorde dit toevallig van de huisarts, niet van de familie. Daarna is hij helemaal doorgedraaid. Zijn toenmalige vriendin zette hem op straat. Daar heeft hij ongeveer twee maanden doorgebracht totdat hij door iemand van Stichting Terwille – christelijke verslavingszorg – werd aangesproken met de vraag of hij van het straatleven af wilde. Binnen een week zat hij op de Spetse Hoeve in Veelerveen. “Ik had het gevoel dat God me letterlijk van de straat heeft geplukt en tegen me zei: “Je bent helemaal kapot, nú ben je van Mij”.

Tot herstel
Stukje bij beetje kwam Gerrie er tot herstel. In 2008 werd zijn vader ziek. Hij zag hem en brak. Op dat moment had hij verlof. Hij verdronk zijn verdriet twee dagen lang. Toen zijn vader overleed ging hij naar de begrafenis met twee begeleiders, die ook gelovig waren. Tijdens de uitvaart deelde hij nog iets uit de Bijbel. “Daarna ging ik zitten en liep ik helemaal leeg. Ik heb een paar rotdagen van rouw gehad, maar voelde me vanaf dat moment wel gedragen en vanaf toen is de Heer ook weer in me gaan leven” verwoordt Gerrie.

Vallen en opstaan
Hij vervolgde zijn levensweg weer met vallen en opstaan. Na 19 maanden in Veelerveen te zijn geweest kwam hij weer op zichzelf te staan. Tijdens zijn verblijf in Veelerveen bezocht hij met zijn groep verschillende kerken. “Toen ik in de VBG kwam dacht ik: ‘Bingo, dit is thuis’.” Hij leerde Ingrid kennen, een Surinaamse hindoestaan. Hij vertelde Ingrid wie Jezus voor hem was, ze wilde steeds meer weten, kwam tot geloof en liet zich dopen. Ze trouwden in de Stadsparkkerk. Het huwelijk heeft elf maanden geduurd. Ingrid had borderline en met hem ging het ook niet goed. Er volgde een scheiding. In januari 2017 werd in de kerk vanaf het podium verteld dat Ingrid in haar slaap was overleden. Hij was niet in de kerk en wist het niet.

Echte broeders
De vrienden, die hij dankzij de Muskathlonreis heeft leren kennen waren het die hem vertelden van de dood van Ingrid en hem steunden toen ze was overleden. Ze bezochten hem elke dag, gingen met hem mee naar de crematie en gingen na de crematie met hem mee naar huis. “Dat was zo warm, zo fijn. Tijdens een preek van Theo over de vier vrienden die hun vriend bij Jezus brachten kreeg ik kippenvel en tranen in de ogen. Ik dacht: ‘Dit gaat over mij. Als er iets met mij gebeurt, zijn we er voor elkaar.’ Hoe die mannen naast me hebben gestaan in die periode is geweldig. Het zijn echte mannen, broeders, strijders. Ik ervaar daar vreugde, liefde, vriendschap, broederschap. Dat heb ik nooit gekend. Het is zo belangrijk om samen onderweg te zijn, niet alleen in de leuke maar ook in de minder leuke dingen”.

Mannenhuis van Gebed
De groep breidde zich uit tot ongeveer negen man en met die groep mag Gerrie in het Mannenhuis van gebed andere mannen dienen door met en voor hen te bidden. “Mannen worstelen vaak met bepaalde dingen, maar ze vinden het moeilijk om voor zich te laten bidden in een grote zaal. We hopen dat mannen gaan opstaan, zeggen: ‘Ik heb gebed nodig’ en in het gebedshuis komen”. Op de dinsdagavonden in de niet-kringweken vinden de gebedsavonden voor de mannen plaats van 20.00 tot 22.00 uur. Er is vrije inloop en opgave is niet nodig. Mannen die vragen hebben of graag in contact willen komen kunnen mailen naar mannenhuisvangebed@stadskerkvbg.nl

Bidden, boenen, bouwen
“Ik vind het geweldig dat ik die bediening mag doen. Ik doe het in volledige overgave en wat ik ervoor terugkrijg is zo mooi. Ik kom er steeds meer achter hoe belangrijk het gebed is. Het is ook het eerste wat ik ’s morgens doe. Ik kom uit bed, kleed me aan, wandel met de hond en ben al in gebed. Ik merk ook dat het helpt en dat gebeden verhoord worden”.

Met een warme groet haast Gerrie zich richting de VBG-hal. Er is werk te doen in de gemeente, waar hij als vrijwilliger zijn krachten inzet. Hij geniet ervan: “Het is geweldig om de boel hier schoon te maken en het is fijn om te dienen. Door mijn artritis heb ik beperkingen en dat vond ik eerst best moeilijk om te accepteren, maar hier kan ik andere dingen doen: bidden, schoonmaken en bouwen aan het Koninkrijk. Ik kan er zó enthousiast van worden”.

Door: Gerry Buitenwerf